(c)Miep Peumans
Gandhi & Zeitgeist
U zou het misschien vergeten als u ’s morgens uw krant leest, maar ‘de samenleving’, dat is iets waar men ook ten tijde van Gandhi al over nadacht. Zijn uitspraak ’de beschaving van een samenleving kan gemeten worden aan hoe ze haar minderheden behandelt’ is nog altijd een waarheid als een koe. En dit niet enkel in Indië!
Vaak krijg je boeken in handen die de “kritische reflectie” vooral willen toepassen op “de Ander”. En ja, u heeft het geraden vaak is ‘de moslim’ of ‘de allochtoon’ dan kop van jut. Het is als schrijver of onderzoeker niet altijd evident om deze ‘Zeitgeist’ te weerstaan en de sterke gekleurde én Westerse bril durven af te zetten. Zeker voor een brandend actueel thema als homoseksualiteit & migratie dat centraal staat in het boek ‘Seks en stigma over grenzen heen’ van Wim Peumans.
In & Out
Aangenaam was mijn verrassing toen ik dit boek las: het is een meer dan verdienstelijke poging om de spiegel die we zo graag enkel op “de Ander” richten ook op ons te richten als samenleving.
Bij het lezen van het boek vind ik de vragen en bedenkingen terug die de afgelopen jaren ook bij Merhaba sterk leven: is de samenleving écht zo open als ze denkt naar holebi’s toe? Zijn het alleen de allochtonen die het moeilijk hebben met holebiseksualiteit? En heeft de vroegere verstikkende hetero-norm, nu niet gedeeltelijk plaats gemaakt voor een soms even verstikkende holebi-norm?
Het lijkt me dat je als holebi “In” bent als je jong, blank en aantrekkelijk bent en “Out” als je aan dit ideaalbeeld niet voldoet. Als asielzoeker kan je aan “dit ideaalbeeld” niet beantwoorden en op die manier geen aansluiting vinden aan dit vaak hyper commercieel milieu.
Maar kijk net als Gandhi goed in de spiegel en dan zie je dat niet alleen asielzoekers, maar ook ouderen & jongeren, vrouwen, kansarmen, gehandicapten … haast onzichtbaar zijn in het holebi milieu.
Ook in de bredere samenleving is er nog veel werk aan de winkel: zo draagt bijvoorbeeld de zorgsector vaak tegelijkertijd een Westerse- én een heterobril, waardoor hulpbehoevenden niet zelden door de mazen van het sociaal vangnet vallen*.
Mijn conclusie over het boek?
Op een vrij toegankelijke manier slaagt het boek er in om op logische wijze de verschillende benaderingen en visies rond homoseksualiteit doorheen de tijd te plaatsen. De heer Peumans weet dit alles verteerbaarder te maken door de hoofdstukken te doorspekken met citaten uit studies én flarden getuigenissen van holebi- asielzoekers. Hij dompelt ons in de wereld van de overlevingsstrategieën van asielzoekers: ze beschermen zichzelf tegen homofobie, racisme, discriminatie als vrouw, …. Voor mij is de echte meerwaarde van dit boek: dat het zorgt voor introspectie in onze samenleving. Wat - als ik de kranten lees- meer dan ooit nodig is.
*‘Seks en Stigma over grenzen heen’ van Wim Peumans, verschenen bij Acco Leuven 2011
*Tips voor een holebivriendelijke en transculturele hulpverlening is terug te vinden in de brochure en documentaire: ‘Regenboogliefde met vreemde wortels? Open je geest en je aanpak’, Alliàge-Merhaba, 2009
Said Al Nasser, activist bij Merhaba vzw: beweging ontstaan uit een zelforganisatie van en voor holebi's en transgenders met roots voornamelijk in de Maghreb, het Midden-Oosten en Turkije, die zich specialiseert in de relatie tussen cultuur, seksualiteit en identiteit met gender en seksuele oriëntatie als focus.
Showing posts with label wim peumans. Show all posts
Showing posts with label wim peumans. Show all posts
Monday, September 19, 2011
Tuesday, May 3, 2011
Genderprijs voor thesis over seksuele migratie
[18-11-2010]
Met zijn etnografische thesis over seksuele migratie en stigmabeheersingsstrategieën wint antropoloog Wim Peumans de Marguerite Lefèvreprijs voor Genderstudies. "Je komt als homoseksueel de grenzen van etnische solidariteit veel sneller tegen. Het behoren tot een bepaalde etnische groep kan bovendien ook voor discriminatie zorgen binnen de homowereld.”
“Vroeger focuste onderzoek zich op economische en politieke migratie, maar vandaag is migratie een heel complex gegeven en zijn er ook mensen die omwille van hun seksualiteit hun geboorteland verlaten,” zegt Peumans. “In de Benelux was hier nog geen onderzoek naar gedaan, seksualiteit komt hoe dan ook weinig aan bod in migratieonderzoek. Ik heb voor mijn thesis gesproken met twaalf migranten van de eerste generatie en één migrant van de anderhalve generatie: zijn ouders zijn naar België gekomen toen hij een jaar of vijf was. Bij allemaal werd hun seksualiteit op bepaalde momenten en plaatsen gestigmatiseerd – ik heb gekeken naar hun stigmabeheersingsstrategieën en de rol die migratie heeft op hun seksuele identiteit.”
Stigmabeheersingsstrategie
“Tien van de mensen waarmee ik gesproken heb, waren echt seksuele migranten. Voor acht van hen was migratie bovendien een bewuste stigmabeheersingsstrategie. Allemaal ervaren ze in Europa meer vrijheid. De mate van die vrijheid wordt bepaald door hun etnische afkomst, klasse en legale positie. Iemand die hier illegaal is, is veel meer afhankelijk van landgenoten voor werk en een dak boven zijn hoofd en heeft dus minder vrijheid in hoe hij hier met zijn seksualiteit omgaat. Je komt als homoseksueel de grenzen van etnische solidariteit veel sneller tegen. Het behoren tot een bepaalde etnische groep kan bovendien ook voor discriminatie zorgen binnen de homowereld.”
“Voor sommigen is de vrijheid veelomvattend. Zo heb ik gesproken met een Amerikaanse lesbienne die een hoge functie heeft in Brussel en stelde: ‘We create our own realities.’ Ze kan zich hier met mensen omringen die haar accepteren zoals ze is. Daar tegenover staat de Algerijn Farid, wiens broer ondertussen ook in België woont. Hij weet daardoor dat Farid homo is en heeft hem bijvoorbeeld verboden naar de begrafenis van hun vader te gaan. Voor Farid heeft de situatie zich dus in zekere zin gedeeltelijk verplaatst. Hij stelt: ‘Je probeert dingen. Als het lukt, dan lukt het. Als het niet lukt, lukt het niet.’ Dat is een heel andere visie op de maakbaarheid van het leven.”
Coming out
“De holebigemeenschap wordt vaak als één monolithisch gegeven bestempeld, maar in werkelijkheid is ze heel divers en heterogeen. Mijn thesis is een uitnodiging om die verschillen en de invloeden van klasse, etniciteit en legale positie daarop te zien. Neem bijvoorbeeld ook de coming out. De klassieke modellen gaan ervan uit dat iemand één keer ‘uit de kast moet komen’. Maar in werkelijkheid moet je als homoseksueel telkens weer voor je geaardheid uitkomen, wat voor heteroseksuelen helemaal niet het geval is. Het is een proces dat nooit stopt, dat je op heel verschillende manieren kan doorlopen en waar migratie ook zijn invloed op heeft. Zo heeft Khalid uit Egypte nog nooit met zijn ouders over zijn seksualiteit gesproken, ook al is hij er zeker van dat ze weten dat hij homo is. Het feit dat hij hier woont, maakt dit zwijgen – onder andere uit respect voor hun gevoelens en cultuur – ook makkelijker. De westerse cultuur is volgens Khalid sterk verbaal, maar je hoeft een seksuele identiteit niet te proclameren, je kan ze ook simpelweg dragen.”
“Minh, de migrant van de anderhalve generatie, kreeg Vietnamese waarden mee zoals respect voor ouderen. Vrijheid van meningsuiting is een westerse waarde waar hij minder voeling mee heeft. Dus spreekt hij uit respect voor zijn ouders binnen de Vietnamese gemeenschap niet over zijn homoseksualiteit, terwijl hij er veel opener mee omgaat in de stad waar hij studeert. Hij gebruikte onder andere tekenen in zijn bewustwordingsproces van zijn gevoelens voor zijn beste vriend. Hij kwam via het surfen ook terecht bij Furry-tekeningen. Furries zijn antropomorfische dierenpersonages met menselijke persoonlijkheden en kenmerken. Waar heteroseksuelen op de leeftijd van veertien de eerste – of volgende – stappen zetten in hofmakerij, zocht Minh naar tekeningen waar mannelijke furries met elkaar aanpapten. Dat het ‘maar’ tekeningen waren, maakte de drempel lager. Hij keek niet naar echte mensen, dus het kon wel.”
Ruggensteun
“De Marguerite Lefèvreprijs gaat naar een studie die een belangrijke bijdrage levert aan het wetenschappelijk inzicht in de problematiek van gender en genderverhoudingen. Mijn onderzoek gaat niet over de klassieke man-vrouwverhoudingen. Ik kijk hoe seksualiteit en gender niet hetzelfde zijn, maar soms wel heel erg met elkaar verbonden zijn. Ik heb nog nooit een prijs gewonnen, dus ik geniet hier beslist van. Het is ook een mooie ruggensteun om aan mijn doctoraat te beginnen bij het Interculturalism, Migration and Minorities Research Centre. Daarin zal ik kijken naar de relatie tussen islam, homoseksualiteit en migratie in Vlaanderen en Brussel. De klemtoon ligt op het leven hier als holebi met een moslimachtergrond en de relatie tussen iemands seksualiteitsbeleving en zijn religieuze identiteit.”
“In de lente komt er in de reeks ‘Minderheden in de samenleving’ bij Acco een boek uit met daarin mijn thesis, aangevuld met reflecties van anderen over bepaalde aspecten van mijn onderzoek. Ik ben geen rechtswetenschapper, weet dus niet veel over asielaanvragen. Maar seksuele migratie is wel een thema dat in de asielprocedure aan bod komt. Dus zullen Jan Beddeleem van WISH (Werkgroep Internationale Solidariteit met Holebi's) en Kenneth Mills van çavaria (de voormalige Holebifederatie, red.) kijken hoe homoseksualiteit in de Belgische asielprocedure wordt behandeld. Floris Parrein en Philippe Gérard van de K.U.Leuven kijken naar de rol die homoseksualiteit speelt in het Europese en Belgische vreemdelingenrecht. Andere gastauteurs zijn Gert Hekma van de Universiteit van Amsterdam en Momin Rahman van Trent University. Meestal eindigt een thesis op de planken van de bibliotheek. Mijn thesis zal hopelijk op heel wat meer boekenplanken eindigen.”
De Academische Stichting Leuven kent de Marguerite Lefèvreprijs voor Genderstudies tweejaarlijks toe aan een studie die een belangrijke bijdrage levert aan het wetenschappelijk inzicht in de problematiek van gender en genderverhoudingen. Meer informatie over de Marguerite Lefèvreprijs voor Genderstudies: http://www.kuleuven.be/asl/prijzen/lefevre.htm
Subscribe to:
Posts (Atom)

